home



Historie van deze uitgave.

LEES DE VOLLEDIGE TEKST.


ERB schreef het verhaal voor "Swords of Mars" van 6 november tot 15 december 1933.
Eerste Amerikaanse uitgave in Blue Book Magazine van november 1934 tot april 1935 in 6 maandelijkse afleveringen.
Eerste Amerikaanse boekuitgave door Edgar Rice Burroughs, Inc. op 15 februari 1936.


EERSTE en ENIGE BOEKUITGAVE: (De) Zwaarden van Mars - 1936.
Boek en titelblad hebben als titel "ZWAARDEN VAN MARS", het stofomslag vermeldt evenwel "DE ZWAARDEN VAN MARS"
Uitgave van uitgeverij J.T. Swartsenburg N.V. te Zeist; 236 pagina's, in een vertaling van Jhr. R.H.G. Nahuys.
Deze uitgave verscheen zowel in gebonden hardcover uitvoering als ingenaaid met blanco softcover.


SERIE:
Van de twaalf oorspronkelijk verschenen Mars verhalen is dit het achtste deel.
Niet alle verhalen zijn in een Nederlandse vertaling verschenen:
1. Prinses van Mars
2. Goden van Mars
3. Krijgsheer van Mars
4. Thuvia, de maagd van Mars
5. The Chessmen of Mars (niet vertaald)
6. De prinses van de roode planeet
7. A Fighting Man of Mars (niet vertaald)
8. Zwaarden van Mars
9. De Monsters van Mars
10. Llana of Gathol (niet vertaald)
11. John Carter of Mars (niet vertaald)



SAMENVATTING:(met dank aan Wikipedia)
Het verhaal begint met een proloog waarin de schrijver, Edgar Rice Burroughs, John Carter in Arizona ontmoet. In de daarop volgende hoofdstukken schrijft hij diens verhaal op.

John Carter gaat naar de stad Zodanga in de hoop het gilde van moordenaars daar ten val te brengen. Eenmaal in Zodanga neemt hij de schuilnaam Vandor aan. Zijn voornaamste doelwit is Ur Jan, die aan het hoofd staat van het gilde.

Carter ontmoet een man genaamd Rapas, bijgenaamd De Ulsio (de rat), en komt dankzij hem in contact met de uitvinder Fal Sivas, die Carter in dienst neemt als persoonlijke lijfwacht. Fal Sivas is in een hevige rivaliteit verwikkeld met een andere uitvinder, Gar Nal, om wie het eerst een functionerend ruimteschip kan bouwen dat onder andere in staat moet zijn Thuria, een van de 2 manen van Barsoom, te bereiken. De twee laten geen middel ongebruikt om bij elkaar te spioneren en elkaar dwars te zitten. Carter neemt de baan aan omdat Ur Jan in dienst blijkt te zijn als lijfwacht van Gar Nal. Al snel ontdekt Carter meer duistere kanten aan Fal Sivas; de uitvinder wil zijn schip voorzien van een mechanisch brein, dat het schip kan besturen als automatische piloot en telepathisch gecommandeerd kan worden. Om zijn brein te perfectioneren doet hij echter experimenten op de hersenen van nog levende slaven. Een van de slaven in zijn huis is Zanda, een vrouw die een intense haat koestert tegen John Carter omdat haar ouders omkwamen toen John Carter en de verenigde stammen van de Groene Martianen Zodanga plunderden (te lezen in Prinses van Mars). Om die reden kan John Carter zijn ware identiteit niet aan haar onthullen.

Carter weet de schuilplaats van het gilde te ontdekken en enkele van de leden te vermoorden door hen 's nachts in een hinderlaag te lokken, maar Ur Jan beseft al snel wie "Vandor" werkelijk is en plant een tegenactie. Samen met Gar Nal ontvoert hij Dejah Thoris uit Helium, waarna de 2 haar in Gar Nals ruimteschip meenemen naar Thuria. Carter steelt hierop het ruimteschip van Fal Sivas (waarbij hij onder andere Sivas' overige handlangers doodt en Zanda de slaven uit hun lijden laat verlossen), waarna hij, Zanda en een Heliumse soldaat genaamd Jat Or de achtervolging inzetten. Het mechanische brein blijkt goed naar Carters commando's te luisteren en het schip bereikt zonder problemen Thuria.

Thuria blijkt zowaar bewoond te worden. Carter, Zanda en Jat Or vinden het schip van Gar Nal terug op de binnenplaats van een schijnbaar verlaten kasteel, maar na te zijn geland worden ze alle drie gevangen genomen door een onzichtbare vijand. Carter kan nog net zijn schip bevel geven op te stijgen en boven het kasteel te blijven zweven. Carter wordt afgezonderd van de anderen opgesloten in een cel samen met een humano´de wezen dat lijkt op een kruising tussen een mens en een kat. In de dagen erop leert Carter langzaam zijn taal spreken. Het wezen stelt zich voor als Umka. Hij is een Masena, een van de twee rassen die Thuria bewonen. Het andere ras, dat hen gevangen houdt, zijn de Tarids. Deze Tarids kunnen door middel van hypnose zichzelf onzichtbaar en onhoorbaar maken voor anderen. Alleen iemand die op de hoogte is van deze truc kan zich er met wat moeite tegen verzetten. Carter slaagt hierin zodat hij eindelijk zijn tegenstanders kan zien, net voordat hij en de andere gevangenen voor Ul Vas, de wrede heerser van het kasteel, worden gebracht. Deze blijkt van plan de mannelijke gevangen ter dood te veroordelen en de vrouwen voor zichzelf te houden.

Carter en Jat Or worden na deze veroordeling samen met Ur Jan en Gar Nal opgesloten. Daar ze nu in hetzelfde schuitje zitten besluiten ze tijdelijk hun oude conflicten te vergeten en eerst te ontsnappen. Ze krijgen onverwacht hulp van Ul Vas' vrouw, Ozara, die feitelijk ook een gevangene is. Samen met Umka waagt de groep een uitbraak. Ze weten de twee ruimteschepen weer te bemachtigen waarna ze proberen Dejah Thoris en Zanda te bevrijden. Uiteindelijk kunnen Jat Or, Ur Jan, Zanda en Umka ontkomen in Carters schip, terwijl Gar Nal de groep verraadt en er met Dejah Thoris vandoor gaat in zijn eigen schip. Carter en Ozara worden weer gevangen. De twee ondernemen later samen een nieuwe ontsnappingspoging, dit keer met succes.

Na een paar dagen rondzwerven over Thuria vinden ze Carters schip terug. Ur Jan, kwaad over het verraad van Gar Nal, zweert trouw aan Carter en belooft hem te helpen Dejah Thoris terug te krijgen, terwijl Zanda onthult dat ze Carters ware identiteit nu kent maar hem heeft vergeven. De groep brengt Ozara naar huis, maar dan slaat het schip plots op hol en vliegt uit zichzelf terug naar Barsoom. Het blijkt dat Fal Sivas het schip teruggeroepen heeft. Gar Nal en Dejah Thoris zijn ook weer op Barsoom. Hij en Fal Sivas hebben samengespannen omdat ze nu een gezamenlijke vijand hebben in John Carter. Carter en Ur Jan zoeken de twee op en bevrijden Dejah Thoris, waarna Ur Jan Gar Nal doodt voor zijn verraad.



Edgar Rice Burroughs'
Zwaarden van Mars

HOOFDSTUKKEN

PROLOOG.
HOOFDSTUK I. - Rapas de Ulsio.
HOOFDSTUK II. - Fal Sivas.
HOOFDSTUK III. - In de Val.
HOOFDSTUK IV. - Dood bij Nacht.
HOOFDSTUK V. - Het Brein.
HOOFDSTUK VI. - Het Schip.
HOOFDSTUK VII. - Het Gezicht bij de Deur.
HOOFDSTUK VIII. - Achterdocht.
HOOFDSTUK IX. (geen NL titel; in het origineel "ON THE BALCONY")
HOOFDSTUK X. - Jat Or.
HOOFDSTUK XI. - In het Huis van Gar Nal.
HOOFDSTUK XII. - Wij moeten beiden sterven!
HOOFDSTUK XIII. - Achtervolgd.
HOOFDSTUK XIV. - Naar Thuria.
HOOFDSTUK XV. - Thuria.
HOOFDSTUK XVI. - Onzichtbare Vijanden.
HOOFDSTUK XVII. - De Kat-Mensch.
HOOFDSTUK XVIII. - Ter Dood veroordeeld.
HOOFDSTUK XIX. - Ozara.
HOOFDSTUK XX. - Wij probeeren te Ontsnappen.
HOOFDSTUK XXI. - In den Diamanten Toren.
HOOFDSTUK XXII. - In de donkere Cel.
HOOFDSTUK XXIII. - De geheime Deur.
HOOFDSTUK XXIV. - Terug naar Barsoom.

NB Bij de Amerikaanse uitgave vormen de eerste letters van de inhoud van alle 24 hoofdstukken en het voorwoord de zin "To Florence with all My Love Ed."

CAST (in volgorde van verschijnen)

Edgar Rice Burroughs - verteller van het verhaal na zijn ontmoeting met John Carter.
Kapitein John Carter - gebruikt ook de naam Vandor, Krijgsheer van Mars, Prins van Helium
Dejah Thoris - gemalin van John Carter, Prinses van Helium
Rapas the Ulsio (De Rat) - misdadiger en gorthan (lid van het gilde van moordenaars)
Tardos Mors - Jeddak van Helium en grootvader van Dejah Thoris
Carthoris - zoon van Dejah Thoris en John Carter
Vandor - schuilnaam van John Carter.
Fal Sivas - rijke uitvinder en werkgever van Rapas en Vandor
Ur Jan - staat aan het hoofd van het gilde van moordenaars
Zanda - slavin, gevangene van Fal Sivas
Gar Nal - uitvinder en rivaal van Fal Sivas
Hamas - majordomus van het huishouden van Fal Sivas
Phystal - houdt toezicht op de slaven en slavinnen van Fal Sivas
Uldak - lid van het gilde van moordenaars met de opdracht Vandor om te brengen.
Povak - krijgt na de dood van Uldak de opdracht Vandor te doden.
Mors Kajak - zoon van Tardos Mors en vader van Dejah Thoris
Jat Or - lijfwacht van Dejah Thoris
Wolak - slaaf van Fal Sivas, die de vrijheid en zijn gewicht in goud kan krijgen als hij Vandor doodt.
Umka - een Masena (een volk op Thuria) en celgenoot van John Carter op Thuria
Ozara - de vrouw van Ul Vas, een Tarid (het andere volk op Thuria)
Ul Vas - "Allerhoogste" van de Tarids op Thuria, houdt het gezelschap van Barsoom gevangen
Zamak - hoofdman van een peleton Taridkrijgers
Ulah - slavin en bediende van Ozara




Zwaarden van
                    Mars  stofomslag 
Zwaarden van
                    Mars gewijzigde band 
Eerste druk (Serie 22). Gewijzigde band


De inhoud op deze pagina staat onder :
copyright 2016 by Marten Jonker.